Design Museum Brussel: mooi om te zien, lastig om te beleven met een visuele beperking
Het Design Museum in Brussel is een plek waar je vooral komt om te kijken: stoelen, objecten en ontwerpen (met veel kunststof) staan centraal. Alles is heel visueel opgesteld, en dat merk je meteen bij binnenkomst—bij de receptie wordt ook direct duidelijk gemaakt dat je nergens aan mag komen of iets mag aanraken.
Met een visuele beperking is dat best lastig. Omdat je niet kunt voelen, mis je al snel een belangrijk deel van de ervaring. Als je met begeleiding gaat, kan het wél beter werken: iemand die de vormen, materialen en details omschrijft helpt om er toch iets uit te halen. Maar zelfstandig rondlopen is hier niet ideaal.
De museumzalen zijn groot en behoorlijk gehorig. In de ontvangsthal hoor je het ventilatiesysteem duidelijk, wat extra aanwezig kan zijn als je gevoelig bent voor geluid. Er zijn filmpjes die automatisch afspelen, met wat muziek en geluid, maar ook die zijn vooral bedoeld om naar te kijken.
Qua prikkels is het museum niet extreem overweldigend, maar de drempel zit vooral in de toegankelijkheid. Juist omdat alles om kijken draait en aanraken niet mag, blijft het voor mensen met een visuele beperking een museum waar je je minder makkelijk doorheen beweegt. Jammer, want zelfs in de kinderruimte hadden ze best iets kunnen voorzien met replica’s of materialen die je wél mag voelen.
